Zeegevecht voor Curaçao – P.M. de la Cave, 1782

3.250

Zeegevecht en herovering van de Vrouw Machtelyna voor Curaçao, 1782. Gewassen tekeningen vervaardig door P.M. de la Cave. Afm. (elk) 16,5 x 24 cm.

De Vrouw Machtelyna, onder kapitein Christiaan Geerman, was in juni 1782 een rijk geladen, particulier bewapend koopvaardijschip, bestemd voor de bovenwindse eilanden en varend onder escorte vanuit Curaçao. In de context van de Vierde Engelse Oorlog, waarin de Britse marine systematisch het Nederlandse handelsverkeer trachtte te verstoren, werd het schip onderschept door het fregat Diamond onder kapitein Christopher Parker. Na een langdurig en ongelijk gevecht werd de hoeker zwaar beschadigd en tot overgave gedwongen, waarna een Britse prijsbemanning aan boord werd geplaatst en Geerman met zijn officieren krijgsgevangen werd genomen. De situatie keerde echter toen de nadering van Nederlandse schepen de Britten ertoe bracht zich terug te trekken; de achtergebleven Nederlandse bemanning wist daarop de controle over het schip te hernemen en de vlag opnieuw te hijsen.

De tekeningen zijn ontwerpen voor een driedelige serie prenten (te zien in het Rijksmuseum) vervaardigd door Carel Frederik Bendorp en uitgegeven door Jan Willem Smit te Amsterdam. Op de voorstellingen zien we achtereenvolgens:

I.
Het bewapende hoeker-schip De Vrouw Machtelyna ligt op 16 juni 1782 voor de haven van Curaçao. Wanneer men ziet dat ’s morgens om elf uur vanuit het fort De Fuik op een vijandelijk schip wordt geschoten, laat men de marszeilen zakken, terwijl de kotter De Kemphaan onder de wal opkruist.

II.
De Vrouw Machtelyna raakt die middag rond half twee in gevecht met het Engelse oorlogsfregat Diamond, in het zicht van de Staatse schepen onder bevel van schout-bij-nacht Rietveld, die in de haven van Curaçao liggen. Intussen blijft ’s lands kotter De Kemphaan, onder bevel van luitenant Jan Janse Eye, tegen de wind in laveren om zich onder het bereik van het geschut van het fort te kunnen beschermen.

III.
Na een gevecht van ongeveer drie uur is De Vrouw Machtelyna zwaar beschadigd aan tuig en zeilen. Wanneer twee andere schepen naderen, geeft zij zich over aan kapitein Parker. Deze zet acht man aan boord van de hoeker en laat kapitein Geerman met enkele officieren van boord halen. Tegen de avond ontdekt hij echter dat de naderende schepen Nederlands zijn. Daarop neemt de Diamond de vlucht, waarna de bemanning van De Vrouw Machtelyna de vlag weer hijst en opnieuw de controle over het schip verkrijgt.

De reeks ontleent haar kracht niet aan het strategische gewicht van het treffen, maar aan de heldere dramatische opbouw: van eerste alarm via hevig gevecht tot een onverwachte wending en symbolisch eerherstel. In de traditie van de achttiende-eeuwse nieuwsprent wordt de feitelijke herovering niet expliciet verbeeld, maar samengevat in het slotbeeld van het vluchtende fregat en de herstelde vlag. Zo wordt een wat dubbelzinnige gebeurtenis (eerst verlies, daarna herneming) omgezet in een duidelijk en aansprekend beeldverhaal. In een oorlog die voor de Nederlandse Republiek overwegend ongunstig verliep, voorzagen dergelijke voorstellingen in de behoefte aan beelden van weerbaarheid en herwonnen eer.

Literatuur:

  • Frederik Muller – De Nederlandsche geschiedenis in platen (1863-1882), nrs. 4481-a/1, 4481-a/2 en 4481-a/3.

Prijs: Euro 3.250,- (3 tekeningen)