Stadse winterscene – Hendrik Meijer, 1764

€3.450

STADSE WINTERSCÈNE MET IJSVERMAAK, 1764

Tekening van Hendrik Meijer (ook Hendrick de Meijer of Meyer, 1744–1793) in pen en zwarte inkt, grijs gewassen, over een in zwart potlood. Gesigneerd linksonder en gedateerd 1764. Afm. 21 × 32,5 cm.

Op een bevroren waterweg aan de rand van een Hollandse stad is het een drukte van belang. Het water, dat normaal voor scheepvaart en vervoer werd gebruikt, is tijdelijk veranderd in een openbare ruimte waar mensen schaatsen, wandelen, handel drijven en zich met sledes over het ijs verplaatsen. Op de voorgrond glijdt en loopt een bonte stoet figuren voorbij; een hond rent over het ijs, we zien iemand achter een slede aan schaatsen iemand trekt een prikslede. Bij een geïmproviseerde kraam verdringen volwassenen en kinderen zich voor eten, drinken en andere winterse versnaperingen.

Rechts ligt een scheepswerf, waar het houten geraamte van een schip op de helling staat. Tussen de bebouwing verheft zich een hoge kerktoren, terwijl links pakhuizen, een kraan en bruggen het beeld van een bedrijvige Hollandse havenstad completeren. Kale bomen en met sneeuw bedekte daken versterken de winterse atmosfeer.

De voorstelling laat zich echter niet overtuigend met één bestaande locatie verbinden. Vooral de kerktoren doet denken aan die van de Oude Kerk in Amsterdam, die in de jaren 1730 haar huidige bekroning kreeg, en ook de combinatie van scheepswerven, pakhuizen en bruggen past bij het achttiende-eeuwse Amsterdam. De verschillende elementen vormen samen echter geen topografisch kloppend stadsbeeld. Waarschijnlijk gaat het daarom om een samengesteld of gefantaseerd stadsgezicht, waarin Meijer herkenbare Hollandse motieven tot een levendige compositie heeft verenigd. Dat is bij zijn oeuvre goed denkbaar: van Meijer zijn zowel nauwkeurig topografische voorstellingen als uitgewerkte landschappen bekend die grotendeels aan de verbeelding ontsproten.

Het aantrekkelijke van de tekening is juist die overvloed aan kleine gebeurtenissen. Met snelle penlijnen en verschillende gradaties grijze wassing brengt Meijer die bedrijvigheid overtuigend tot leven: donkere partijen langs de oevers en op de voorgrond geven diepte, terwijl het lichte ijs de vele figuren tegen elkaar laat afsteken. Wintertaferelen bleven ook later een terugkerend onderwerp in zijn werk.

De tekening behoort tot het vroege werk van Meijer. In 1764, het jaar waarin dit blad werd gemaakt, begon hij zijn opleiding aan de Amsterdamse Stadstekenacademie; later werkte hij onder meer in Haarlem, Leiden, Amsterdam en Londen.

De rijkdom aan figuren sluit mooi aan bij de negentiende-eeuwse waardering voor Meijers werk. Immerzeel (1842) roemde zijn composities als “rijk en geestig” en zijn stoffage als “allerliefst van teekening en altijd in overvloed aangebragt”. Zijn goede tekeningen werden, zo schreef hij, “door de onbevooroordeelde liefhebbers geschat en bewaard”.

Prijs: Euro 3.450,- (incl. lijst)