Scheveningen – Abraham Jacobsz. Hulk naar Adriaen van de Velde, 1803
€450
HET STRAND VAN SCHEVENINGEN
“La Plage de Schevelingen. II. Vue”, kopergravure vervaardigd in 1803 door Abraham Jacobsz. Hulk naar een tekening van Jacques François Swebach-Desfontaines, op zijn beurt naar het schilderij Strandgezicht van Adriaen van de Velde (1636–1672). De prent verscheen in Parijs als onderdeel van het monumentale plaatwerk Le Musée français. Later met de hand gekleurd. Afm. (afbeelding) ca. 23,5 × 29 cm; (lijst) 47 × 53,5 cm.
Van de Velde schilderde verschillende gezichten op het strand van Scheveningen, waarin het dagelijkse leven aan zee samengaat met een opvallend gevoel voor licht, ruimte en atmosfeer. Ook hier heeft hij de horizon uitzonderlijk laag geplaatst. Daardoor wordt bijna twee derde van de voorstelling ingenomen door een indrukwekkende wolkenlucht, terwijl het leven op het strand zich als een smalle strook daaronder afspeelt. Het oorspronkelijke schilderij, gedateerd 1663 of 1665, bevindt zich tegenwoordig in het Mauritshuis in Den Haag.
Links heeft een vissersfamilie zich verzameld bij een eenvoudige schuilhut op het strand. Een grootvader houdt een kind bij zich en leert het lezen, terwijl andere familieleden eromheen zitten en de kinderen spelen. Iets verderop vermaakt een visser zich met een hond. Op de achtergrond liggen vissersschepen voor de kust en bewegen karren en paarden over het brede strand. Rechts rijdt een huifkar, terwijl verder naar zee een elegante koets met vierspan voorbijtrekt. Zo brengt Van de Velde twee werelden bijeen: het dagelijkse bestaan van de Scheveningse vissers en het strand als plaats van vertier voor welgestelde bezoekers uit Den Haag. Een contemporaine beschrijving vermeldt dat de vissersfamilie wacht op het opkomende tij, zodat de bij eb drooggevallen boten weer kunnen worden vlotgetrokken.
De geschiedenis van het schilderij geeft de gravure nog een aardige extra dimensie. Het werk behoorde vanaf 1768 aan stadhouder Willem V en hing in diens collectie in Den Haag. In 1795 werd het door de Fransen in beslag genomen en naar Parijs overgebracht, waar het in het latere Musée Napoléon werd tentoongesteld. Juist in die Parijse periode liet Swebach-Desfontaines het schilderij natekenen en werd Hulks gravure gepubliceerd in Le Musée français. Na de val van Napoleon keerde het schilderij in 1815 terug naar Nederland; sinds 1822 behoort het tot de collectie van het Mauritshuis
Prijs: Euro 450,- (incl. lijst))




