Rotterdamse schutterij – Q.M.R. Ver Huell, 1830

€4.950

ROTTERDAM NEEMT AFSCHEID VAN ZIJN SCHUTTERS, 1830

“Het vertrek der Veldschutterij van Rotterdam, waaronder een groot aantal vrijwilligers, in het jaar 1830”, lithografie gedrukt te Utrecht door Johannes Paulus Houtman naar een tekening van Quirijn Maurits Rudolph Ver Huell, uitgegeven te Rotterdam door W.J. van Oosterzee in 1830. In de tijd met de hand gekleurd. Afm. ca. 58 × 84 cm.

Deze antieke prent van Rotterdam uit 1830 toont het vertrek van de Rotterdamse veldschutterij op 20 oktober, toen de schutters werden ingezet tegen de Belgische Opstand. De gebeurtenis is vastgelegd in een indrukwekkend panoramisch gezicht op de Nieuwe Maas, met op de achtergrond de Boompjes. Twee zeilschepen en een stoomschip vervoeren de schutters, onder wie een groot aantal vrijwilligers. Op het water heerst een feestelijke drukte. Tientallen roeibootjes begeleiden de vertrekkende schepen. Rechts vormen de statige koopmanshuizen aan de achterzijde van het haringvliet het decor van dit uitbundige afscheid.

De Belgische Opstand was in augustus 1830 uitgebroken en leidde op 4 oktober tot het uitroepen van de Belgische onafhankelijkheid. Koning Willem I weigerde de afscheiding te aanvaarden en mobiliseerde de schutterijen in de Noordelijke Nederlanden om het leger te versterken. Ook Rotterdam leverde manschappen, die onder grote publieke belangstelling werden uitgezwaaid. De prent weerspiegelt de vaderlandslievende stemming onder de Rotterdamse aanhangers van het koningshuis. De pogingen om de afscheiding ongedaan te maken mislukten uiteindelijk, maar pas in 1839 erkende Nederland officieel de Belgische onafhankelijkheid.

De Rotterdamse schutterij was oorspronkelijk een stedelijke burgerwacht, belast met de verdediging van de stad en de handhaving van de openbare orde. Volgens de schutterijwet van 1827 waren mannen van ongeveer 25 tot 34 jaar schutterplichtig. De dienstdoende schutters moesten regelmatig oefenen en konden in tijden van oorlog worden ingezet ter versterking van het leger. Tijdens de Belgische Opstand gebeurde dat daadwerkelijk.

De ontwerper, Quirijn Maurits Rudolph Ver Huell (1787–1860), was marineofficier, tekenaar en schrijver. Hij bracht een groot deel van zijn leven bij de marine door en werd in 1843 directeur van de Rotterdamse marinewerf. Daarnaast publiceerde hij geïllustreerde reisverhalen en biografieën. Hij was betrokken bij de oprichting van de Koninklijke Nederlandsche Yachtclub in 1845. Uit de verzamelingen van deze vereniging ontstond later het Maritiem Museum. Het voormalige clubgebouw aan de Willemskade huisvest tegenwoordig het Wereldmuseum. Het leeuwendeel van de werk van Ver Huell bevindt zich in het Museum Arnhem, het Gelders Archief en het Maritiem Museum.

Grote, vroege, los uitgegeven lithografieën zijn bijzonder zeldzaam. Van dit schitterende gezicht op de stad zijn slechts enkele exemplaren bewaard gebleven.

Prijs: Euro 4.950,- (incl. lijst)