Amsterdam – H.O. Berends/Van Holkema & Warendorf, 1922-1923

Amsterdam,” kleurenlithografie bewerkt door H.O. Berends en uitgegeven door Van Holkema & Warendorf in 1922-1923. Afm. (kader) 65,5 x 73 cm.

De oudst bekende kaart van Amsterdam die door Tjomme van Holkema op de markt is gebracht dateert van 1882. Na een fusie in 1892 tot Van Holkema & Warendorf geeft deze nieuwe firma een hele reeks overzichtskaarten van de stad uit. Dit exemplaar is gedrukt in 1922-1923.

De bebouwde delen van de stad zijn in oranje gedrukt, de wél geplande, maar nog niet uitgevoerde uitbreidingen in lichtoranje. Het weideland rond Amsterdam is in lichtgroen gedrukt en de parken binnen de stad en de tuinen daarbuiten in donkergroen. De belangrijkste gebouwen van de stad zijn, tweedimensionaal, in contrasterend zwart gedrukt. Het havengebied, bedrijfsterreinen en het stratenpatroon zijn wit gelaten.

In 1924 heeft Amsterdam net gebiedsuitbreiding achter de rug. De annexaties van 1921 hebben Watergraafsmeer, grote delen van Amsterdam-Noord (met de voormalige dorpen Buiksloot, Nieuwendam en Ransdorp) en gronden in het westen binnen de gemeentegrens gebracht. Op deze editie zijn die nieuwe wijken inmiddels opgenomen. De stad ligt nog aan de open Zuiderzee – de Afsluitdijk moet dan nog worden aangelegd – en de Noordzee­kanaal­route bepaalt de oriëntatie van haven en spoor.

De oostelijke havenarbeid concentreert zich rond de Oostelijke Handelskade en de eilanden Java en KNSM; aan de noordwal van het IJ zijn dokken en werven zichtbaar. In het westen ontstaan nieuwe haventerreinen, terwijl binnen de stadsrand industriële complexen als de Westergasfabriek en de spoorbundels rond Centraal Station en Weesperpoort het stadsbeeld tekenen. Weesperpoortstation is nog in gebruik; daarnaast toont de kaart het Haarlemmermeerstation (1914) als zuidwestelijk spoor­eindpunt.

De woningbouw volgt de Woningwet en de vormentaal van de Amsterdamse School. In het westen en noorden verrijzen nieuwe arbeiderswijken; in het oosten groeit de Indische Buurt en wordt de Watergraafsmeer verkaveld. In het zuiden is Berlage’s Plan Zuid duidelijk ingetekend als structuur—lanen, pleinen en plantsoenen—maar veel definitieve straten en bouwblokken ontbreken nog. De Rivierenbuurt en Apollobuurt staan aan het begin van hun ontwikkeling.

Bij de Amstelveenseweg zien we nog het ‘Oude Stadion’ (eig. “Het Nederlandsch Sportpark”, gesloopt in 1929). Het Olympisch Station zou pas een paar jaar later gebouwd worden.

Literatuur: Marc Hameleers (2003) “Amsterdamse Plattegronden 1866-2000”, nr. 112.

Prijs: VERKOCHT