Land van Heusden – Bernard Jacob de Roij, 1754
€2.650
GROTE WATERSTAATKUNDIG KAART VAN HET LAND VAN HEUSDEN, 1754
“Kaart dienende tot het Project van den Heer M. van Barneveld […] wegens het maken van een Overlaat tusschen Baardwijk en Drunen, tot aflatinge van het overvloedig afkomende boven-Water, en voorkominge van Inundatien”, grote kopergravure gedrukt van drie platen, naar het waterstaatkundige ontwerp van Martinus van Barnevelt (1691–1775), uitgewerkt door Bernard Jacob de Roij (1716–1782), Pieter Adrianus Ketelaar en Gijsbert (Gerrit) Beket, 1754. Later met de hand gekleurd. Afm. ca. 56 × 137 cm.
Deze imposante waterstaatkundige kaart toont het rivierengebied tussen de Biesbosch en het Bergsche Veld in het westen en ’s-Hertogenbosch en Fort Crèvecoeur in het oosten. Centraal liggen Heusden, de Maas en de polders van het Land van Heusden; ten zuiden daarvan onder meer Vlijmen, Nieuwkuijk, Drunen, Baardwijk en Waalwijk. Dijken, sluizen, waterlopen, wegen, kerken en molens zijn nauwkeurig weergegeven. Onderaan bevindt zich een profiel van de Meer- en Baardwijkse dijk, waar de voorgestelde overlaat moest worden aangelegd.
Het plan betreft de latere Baardwijkse Overlaat. Initiatiefnemer was Martinus van Barnevelt, voormalig burgemeester van Gorinchem. Na de grote watersnood van 1741 ontwikkelde hij plannen om de waterafvoer van Maas, Waal en Merwede te verbeteren.
Rond ’s-Hertogenbosch vormde hoogwater regelmatig een groot probleem. Water uit verschillende rivieren en beken hoopte zich in het laaggelegen gebied op en kon maar moeilijk worden afgevoerd. Van Barnevelts oplossing was een gecontroleerde afvoer naar het westen. Bij Baardwijk en Drunen moest het water via een brede overlaat door de dijk kunnen stromen en vervolgens via de laaggelegen Langstraatse buitenvelden en het Oude Maasje richting Bergsche Veld en Hollandsch Diep worden geleid. Zo kon de druk op het gebied rond ’s-Hertogenbosch en op de Maas worden verminderd.
De kaart werd gemaakt voor de officiële beoordeling van Van Barnevelts project en behoorde bij de resolutie van de Staten van Holland van 20 november 1754. De Roij werkte het plan verder uit; Ketelaar en Beket waren als landmeters betrokken. Hoewel volgens de cartouche wegens tijdgebrek slechts de belangrijkste waterstaatkundige elementen konden worden opgenomen, biedt de kaart een uitzonderlijk gedetailleerd beeld van het achttiende-eeuwse Land van Heusden en omgeving.
Het plan werd niet direct uitgevoerd. Na nieuwe overstromingen werd het opnieuw bestudeerd en uiteindelijk in gewijzigde vorm goedgekeurd. Eind 1766 was de Baardwijkse Overlaat gereed. Deze bleef, met latere aanpassingen, tot het begin van de twintigste eeuw een belangrijk onderdeel van de waterbeheersing in het gebied.
Uiteindelijk bleek een veel ingrijpender oplossing noodzakelijk. In 1883 werd besloten de Maas en de Waal definitief van elkaar te scheiden. Daarvoor werd tussen 1888 en 1904 de Bergsche Maas gegraven. Deze nieuwe rivier doorsneed het historische Land van Heusden en maakte de oude overlaatsystemen grotendeels overbodig.
De kaart vormt daarmee een belangrijk document uit de Nederlandse waterstaatsgeschiedenis: een groots achttiende-eeuws plan om door gecontroleerde overstroming de voortdurende wateroverlast in het rivierengebied te beheersen.
Prijs: Euro 2.650,- (incl. lijst)


