Sumatra, westkust – Laurie and Whittle, 1797

€495

GEDETAILLEERDE ZEEKAART VAN DE WESTKUST VAN SUMATRA MET BENGKULU EN FORT MARLBOROUGH, 1797

“A Chart of the West Coast of Sumatra from Old Bencoolen to Buffaloe Point containing the Road of Bencoolen and Poolo Bay”, kopergravure naar de opmetingen van kapitein Joseph Huddart, aangevuld met gegevens van John Price uit 1787 en McDonald uit 1793. Uitgegeven te Londen door Robert Laurie en James Whittle op 1 maart 1797, en opgenomen in hun zeeatlas “The East-India Pilot, or Oriental Navigator”. Met twee afzonderlijke detailkaarten: “Plan of Rat Island” en “Plan of Poolo Bay”. Later met de hand gekleurd. Afm. ca. 63,5 × 53,3 cm.

Deze nauwkeurige achttiende-eeuwse paskaart toont de westkust van Sumatra ter hoogte van Bengkulu (destijds genaamd Bencoolen), een belangrijk Brits handelscentrum voor peper. De kaart brengt niet alleen de kustlijn en de toegangen tot de verschillende ankerplaatsen nauwkeurig in beeld, maar bevat ook talrijke aanwijzingen voor een veilige navigatie langs deze door riffen en ondiepten omgeven kust.

De Britse Oost-Indische Compagnie vestigde zich in 1685 in Bengkulu, nadat zij haar handelspositie in Bantam op Java grotendeels aan de Nederlandse VOC had verloren. Sumatra bood de Britten een nieuwe mogelijkheid om rechtstreeks toegang te krijgen tot de lucratieve peperhandel. In 1714 werd begonnen met de bouw van het imposante Fort Marlborough, dat het nieuwe centrum van de Britse handelsactiviteiten in de regio werd. De oorspronkelijke vestiging werd voortaan aangeduid als Old Bencoolen.

De grote kaart links toont de kuststrook van Old Bencoolen tot Buffaloe Point, met Fort Marlborough als belangrijkste oriëntatiepunt. De rede van Bencoolen is voorzien van talrijke dieptepeilingen, aanduidingen van zandbanken en rotsen, informatie over de zeebodem en aanwijzingen voor geschikte ankerplaatsen. Het uitgebreide netwerk van kompaslijnen maakte het mogelijk om koersen uit te zetten en schepen veilig naar de kust te loodsen. Opmerkelijk zijn ook de drie kustprofielen bovenaan het blad. Ze tonen het silhouet van de kust, met heuvels en herkenningspunten zoals Fort Marlborough, zoals zeevarenden deze vanaf verschillende posities op zee konden waarnemen.

Rechtsboven is een afzonderlijk plan van Rat Island (Pulau Tikus) opgenomen. Dit kleine eiland voor de kust van Bengkulu vormde een belangrijk oriëntatiepunt voor schepen die de rede naderden. De kaart toont het eiland, de omliggende riffen en de nauwe doorgang naar een beschutte ankerplaats. De nauwkeurige weergave van deze gevaarlijke ondiepten was essentieel voor de scheepvaart.

De detailkaart rechtsonder toont Poolo Bay (tegenwoordig Pulau Baai), een beschutte baai ten zuiden van Fort Marlborough. Hier konden schepen relatief veilig voor anker gaan en goederen laden of lossen. Behalve de kustlijn, waterdiepten en ankerplaatsen zijn verschillende voorzieningen op het land aangegeven, waaronder pakhuizen (godowns), kalkovens voor de productie van bouwmateriaal en plaatsen waar zoet water kon worden ingenomen.

De kaart werd samengesteld op basis van de hydrografische opmetingen van kapitein Joseph Huddart en aanvullende waarnemingen van John Price en McDonald. Laurie en Whittle publiceerden haar als onderdeel van hun omvangrijke cartografische uitgaven voor de vaart op Azië. Hun East-India Pilot bouwde onder meer voort op het werk van de Franse hydrograaf Jean-Baptiste d’Après de Mannevillette, wiens Neptune Oriental voor het eerst in 1745 verscheen. Deze kaart van Bengkulu en omgeving vormt een afzonderlijke Britse bijdrage aan de hydrografische kartering van de regio.

Prijs: Euro 495,-